Tag Archives: uitsterven

Het Salomonsoordeel over het been van de walvis

Aan het eind van de 18e eeuw werd onderstaand bot gevonden in de kelder van een wijnhandelaar aan de Rue Dauphine in Parijs. Toevallig was men op dat moment erg gecharmeerd van alles wat met fossielen te maken had en men vermoedde dat het bot hoorde bij een nieuwe soort prehistorische walvis.

Men beweert dat je de sporen van de zaag nog kan zien zitten,
Men beweert dat je de sporen van de zaag nog kan zien zitten,

Ogenblikkelijk na de ontdekking brak er dan ook een heftige strijd los tussen George Cuvier, de beroemdste paleontoloog van het moment, en Martinus van Marum, de directeur van het Teylers museum in Haarlem, over wie het bot kon kopen. Na een heftige biedingsstrijd werd besloten het bot dan maar in tweeën te zagen en zo de ene helft voor Parijs te bewaren en de andere helft naar Haarlem te transporteren. Juist op het moment dat de gearriveerde timmerman zijn zaag in het bot wilde zetten, kon Cuvier het niet meer aanzien en zag af van zijn deel zodat het bot in zijn geheel bewaard zou worden.

Tevreden keerde Van Marum terug naar Haarlem met het bot, dat uiteraard een speciale plek verwierf in de expositie.

Zoals je aan bovenstaande foto ziet wordt het bot nog steeds tentoongesteld, maar inmiddels onder een tafel met andere fossielen in het Teylers Museum. De reden dat het bot een beetje is weggemoffeld, is dat men er later achter kwam dat het helemaal geen fossiel was, maar dat op de Rue Dauphine op het adres van de wijnhandelaar eerst een baleinenfabriek had gezeten. Het bot was onderdeel van een walvis, die gestrand was in Normandië en vervoerd was naar Parijs om verder verwerkt te worden. De botten waren kennelijk gewoon in de kelder achter gelaten.

Mount St. Helens

Dit weekend is het 33 jaar geleden dat de vulkaan Mount St. Helens uitbarstte.

De uitbarsting is de grootste in de Verenigde Staten in de recente geschiedenis en kostte aan 57 mensen het leven. Dat getal had veel hoger kunnen liggen. Veel houthakkerskampen in de directe omgeving waren niet bemand, omdat het een zondag was.

In de aanloop naar de uitbarsting waren er wel al tekenen dat er iets te gebeuren stond. Vanaf halverwege maart werd er een groot aantal aardbevingen gemeten, het eerste teken van vulkanische activiteit in de omgeving sinds 130 jaar. Vulkanologen lieten daarop het gebied direct rond de vulkaan afsluiten. Achteraf bleek dat gebied te klein, omdat ze er van uit gingen dat als de vulkaan zou uitbarsten het dan recht omhoog zou zijn, net als de vulkanen in Hawaï waar ze ervaring mee hadden.

De dag voor de uitbarsting genomen vanaf de observatiepost van Harry Glicken (eigendom  U.S. Geological Survey)
De dag voor de uitbarsting genomen vanaf de observatiepost van Harry Glicken (eigendom U.S. Geological Survey)

Waar bijna niemand echter rekening mee hield, is dat deze vulkaan uiteindelijk aan de zijkant zou ontploffen. Op 18 mei 1980 ontstond er een grote aardbeving aan de noordzijde, waarop er een enorme aardverschuiving ontstond. De aardverschuiving zorgde ervoor dat de druk aan de zijkant van de vulkaan te laag werd en de magma een weg zocht door de rotsen heen.

De eerste die de uitbarsting meldde was David Johnston, een vulkanoloog die op een observatiepost aan de noordzijde op 10 kilometer van de vulkaan zat. Dat was ook het laatste wat hij deed. Ongeveer een minuut na de aardbeving nam hij via de radio contact op met de woorden: “Vancouver, Vancouver, dit is ‘m!!”. Hierna viel het signaal uit. Een medeslachtoffer dat een stuk noordelijker zat meldde, “ehm, heren, de camper en de auto ten zuiden van me zijn helemaal bedekt en het gaat me ook te pakken krijgen”. Beide slachtoffers zijn nooit gevonden.

Eigenlijk was het helemaal niet de bedoeling dat David Johnston op de observatiepost zou zitten. De 2 weken voor de uitbarsting zat Harry Glicken er. Maar precies op de dag van de uitbarsting had hij een afspraak aan een universiteit, waardoor hij die dag niet kon. Elf jaar lang heeft hij zich schuldig hierover gevoeld, totdat hij zelf omkwam bij een vulkaanuitbarsting in Japan. Eind goed al goed.

4 maanden na de uitbarsting, genomen vanaf dezelfde plek door Harry Glicken (eigendom van de  U.S. Geological Survey)
4 maanden na de uitbarsting, genomen vanaf dezelfde plek door Harry Glicken (eigendom van de U.S. Geological Survey)

De Nieuwe Oosterbegraafplaats

Zoals de naam al suggereert, is de Nieuwe Oosterbegraafplaats in de Watergraafsmeer niet de eerste Oosterbegraafplaats. Deze eer viel namelijk te beurt aan het terrein waar nu het Tropenmuseum staat. In 1866 opende hier de Oosterbegraafplaats.  Deze begraafplaats heeft maar een kleine 30 jaar bestaan, want door de snelle stadsuitbreiding en de neiging van veel Amsterdammers toch niet het eeuwige leven te hebben, was er te weinig ruimte. Begin 20e eeuw werd het terrein gekocht door het Koninklijk Instituut voor de Tropen dat daar samen met het Koloniaal Museum een nieuw gebouw wilde neerzetten.

Toen het terrein was aangekocht, bleek echter dat niet alle graven geruimd mochten worden. Tijdens de bouw is er dus rondom een aantal graven heen gebouwd en bleef er een gedeelte van de begraafplaats bestaan. Pas in 1955 zijn de resterende graven geruimd om plaats te maken voor wat nu het Amstellyceum is. Voordat de bouw hier echter van begon, werden er door kinderen uit de buurt nogal wat schedels ontvreemd, die nooit meer zijn teruggevonden.

Onderstaand het grootste graf van de Nieuwe Oosterbegraafplaats, de graftombe van generaal van Heutsz, die op Atjeh in het toenmalig Nederlands-Indië flink huisgehouden heeft.

Ook nu nog het grootste graf op deze begraafplaats.
Ook nu nog het grootste graf op deze begraafplaats.

Het graf werd betaald door een inzameling onder zijn fans. Ze bleken zoveel bij elkaar gebracht te hebben, dat behalve dit graf er ook nog geld over was voor een extra monument, dat tegenwoordig op de Apollolaan te vinden is. Door de jaren heen is daar vrij veel protest tegen ontstaan, omdat men anders ging aankijken tegen de koloniale rol van Nederland in Indonesië. Ook de zoon van Van Heutsz, die in 1943 lid was van de SS,  was het niet met het monument eens. Niet omdat hij iets tegen Nederland als koloniale macht had, maar omdat hij het monument te lafjes vond.

De Nieuwe Oosterbegraafplaats vierde intussen in 1994 haar eeuwfeest met de feestelijke opening van nieuwe crematieovens. Belangstellenden kregen toen een exclusief kijkje vanuit een crematieoven. Altijd reden voor een puik feestje!

Waarom Pandas dood moeten…

Sinds de oprichting in 1961 van het Wereld Natuur Fonds is de pandabeer het symbool van deze club. Zelden was een keus zo ondoordacht. Het WNF zet zich namelijk in voor diersoorten die rechtstreeks bedreigd worden door menselijk handelen, of door verkleining van hun leefgebied.

De panda wordt echter bedreigd doordat hij zelf een verkeerde evolutionaire afslag heeft genomen. Panda’s maken namelijk deel uit van de familie van beren en hebben net als andere beren een darmstelsel dat gericht is op het verteren van vlees, vruchten en zaden. Helaas voor de panda heeft hij echter besloten om alleen maar taai bamboe te eten. Doordat ze dit slecht kunnen verteren moet een panda de hele dag door eten om voldoende voedingsstoffen binnen te krijgen. Hierdoor moet een panda gemiddeld 38 keer op een dag poepen en voelt ie zich constant alsof ie diarree heeft.

Zo das nummer één, nog 37 te gaan vandaag...
Zo da’s nummer één, nog 37 te gaan vandaag…

Logischerwijs heeft de panda niet erg veel zin om zich voort te planten en weigert ie dat te doen bij de minste geringste verstoring van z’n bamboebos. De panda is dan ook de voornaamste kandidaat in het dierenrijk voor een enkeltje uitsterving, want ook zonder de mens was ie al hard op weg.

Waarom moet de panda dan sneller dood? Omdat het z’n eigen schuld is dat ie aan het uitsterven is en omdat ie de aandacht afleidt van alle planten en dieren die het wel verdienen om beschermd te worden.  De schaamluis bijvoorbeeld is ook bijna uitgestorven door toedoen van de mens, maar daar hoor je dan weer niemand over…