Tag Archives: middeleeuwen

Jantje van Leyen en de wederdopers

Zo af en toe duikt er een religieuze sekte op waarbij de volgelingen zich op een plek opsluiten om samen het einde der tijden af te wachten. De sekteleider is meestal een man die om onverklaarbare redenen altijd minstens 3, maar meestal veel meer vrouwen heeft, waarmee hij dan ook allemaal kinderen krijgt. Het is de vrouwen trouwens streng verboden met iemand anders dan de sekteleider het bed te delen want dat vindt god/het spaghettimonster/ Ron L. Hubbard (doorstrepen wat niet van toepassing is) niet goed. In 2012 zagen we zo bijvoorbeeld een sekte die zich in een Frans dorp settelde om  het einde der tijden volgens de Maya kalender af te wachten. Inmiddels is de aarde nog steeds niet vergaan, maar wellicht zitten ze er nog steeds…

Ook in de middeleeuwen waren er al sluwe en charismatische sekteleiders, die via het geijkte patroon opereerden. Een van deze figuren was Jan van Leyden die het met zijn wederdopers (een soort middeleeuwse pinkstergemeente) voor elkaar kreeg om de stad Münster over te nemen in afwachting van de Apocalyps. Hoewel hij er zeker van was, dat de Apocalyps op het punt stond te beginnen, nam hij voor de zekerheid wel 17 vrouwen. Er was immers nog wat tijd te overbruggen en die moest natuurlijk wel aangenaam doorgebracht worden. Zoals bij alle sekteleiders gold dat echter alleen voor Jan zelf. Toen een van z’n vrouwen er vandoor probeerde te gaan, werd ze zonder pardon onthoofd. Inmiddels weten we dat Jan van Leyden allemaal mooie praatjes had, maar dat de Apocalyps nog steeds niet gekomen is. Zijn praatjes bleken dus te bestaan uit loze beloftes en je er met een Jantje van Leyen van af maken, wil zeggen dat je je best niet doet.

Met Jantje liep het niet goed af. Terwijl de wederdopers aan de macht waren in Münster, had de bisschop van Münster, die de stad uit was gegooid, een leger op de been gebracht samen met de lokale graaf. Zij belegerden de stad al een tijdje en hadden de voorganger van Jan omgelegd, toen deze met 30 man een uitbraak leidde. Alhoewel hij Münster tot het nieuwe Jerusalem uitriep, met zichzelf als koning aan het hoofd, kon Jan niet lang genieten van zijn harem als koning. Binnen een jaar heroverde de bisschop de stad. Jan werd een tijdje in een kooi rondgevoerd alsof hij een wild beest was, maar na een half jaar werd hij uiteindelijk doodgemarteld. Zijn lichaam bleef ruim 50 jaar in een kooi hangen buiten de kerk van Münster als afschrikking voor nieuwe wederdopers.

Zijn kooi hangt er nog steeds, maar het lichaam is inmiddels verwijderd.(foto: Rüdiger Wölk, Münster)
Zijn kooi hangt er nog steeds, maar het lichaam is inmiddels verwijderd.(foto: Rüdiger Wölk, Münster)

Het slappe Amsterdamse excuus voor een stadmuur

In de middeleeuwen had Amsterdam nog geen echte stadsmuur. De stad werd beschermd door wallen met houten palen er op. In 1480 werd het besluit genomen dat een echte stadsmuur toch wel noodzakelijk was vanwege dreiging vanuit Utrecht en Gelre. Na een krappe tien jaar stond er dan ook een muur van zo’n 5 a 6 meter hoog die de hele stad omsloot, uitgezonderd de lastage aan de oostkant van de stad. De bewoners van de lastage, wat tegenwoordig de nieuwmarktbuurt is, waren hier zeer teleurgesteld in en probeerden via de landvoogdes van Holland hierover te klagen. De bestuurders van de stad konden het niet waarderen dat er buiten hen om geklaagd werd en stuurden meteen een boodschap aan de landvoogdes dat de inwoners van de lastage voor hun beurt hadden gesproken en onzin uitkraamden.

Rechts de Gelderse kade en in het midden de onbeschermde lastage...
Rechts de Gelderse kade en in het midden de onbeschermde lastage…(Cornelis Anthonisz)

Achteraf bleek dat de mensen in de lastage inderdaad niet zo’n moeite hadden hoeven doen. De stadsmuur bleek niet heel stevig en bood weinig bescherming. Er werd namelijk binnen enkele jaren na de oprichting van de muur een verbod uitgevaardigd voor kinderen om op en rond de muur te spelen, stenen uit de muur te halen en hiermee te gooien en als klap op de vuurpijl werd het ook verboden om de muur om te duwen.

Heinrich de tegenkoning

Graaf Heinrich Raspe werd op deze dag in 1246 gekozen tot tegenkoning van Duitsland. Zijn officiële titel was tegenkoning van de Romeinen, omdat Duitsers het leuk vinden om dingen ingewikkeld te maken. Deze titel hoorde bij de troonsopvolger van het Heilige Roomse Rijk. Dit keizerrijk was een opvolger van het (west) Romeinse keizerrijk en Nederland maakte er ook nog een tijdje deel van uit.

Het zegel van Heinrich Raspe de tegenkoning der Romeinen (afbeelding door: Otto Posse)
Het zegel van Heinrich Raspe de tegenkoning der Romeinen (afbeelding door: Otto Posse)

In tegenstelling tot de meeste keizer- en koninkrijken was de opvolging niet erfelijk geregeld, maar via een verkiezing door de zogenaamde keurvorsten. Als een keizer overleed dan werd de koning van de Romeinen door de paus gekroond tot nieuwe keizer en de keurvorsten kozen dan weer een nieuwe koning der Romeinen. Paus Innocentius IV  had echter een akkefietje met keizer Frederik de tweede en besloot dus de Duitse vorsten te stimuleren om een andere koning te kiezen dan degene die de keizer steunde. Koning Heinrich werd aldus de tegenkoning van koning Conrad IV, die eerder tot koning was gekozen en er brak meteen oorlog uit tussen de twee. Heinrich versloeg Conrad in de slag bij Nidde, maar overleed helaas enkele maanden later zodat Conrad alsnog de enige koning werd en Heinrich de analen in is gegaan als tegenkoning.

Helaas is het al zo’n 600 jaar geleden dat de laatste tegenkoning werd verkozen, maar wellicht dat het tijd is in Nederland deze oude traditie in ere te herstellen. Iemand een idee wat Peter-Jan Rens tegenwoordig doet?

Heilige Beenderen

Binnen de katholieke kerk bestaat er al eeuwenlang de hobby om relikwieën van Jezus en allerlei heiligen te verzamelen. Vaak heeft dit een economische reden. Als een dorp, stad of kerk een belangrijk relikwie in handen heeft, dan zorgt dat voor een constante stroom pelgrims en dus geld.

Zoals altijd als er geld in het spel is, zijn er lieden die het niet zo nauw met de waarheid nemen, omdat er meer verdiend kan worden. Hierdoor is er wel eens geschat, dat met alle fragmenten waarvan gezegd wordt dat ze afkomstig zijn van het kruis van Jezus, er een half bos opgezet kan worden.

In de middeleeuwen waren niet alleen kruisfragmenten en objecten die Jezus had aangeraakt populair, maar vooral ook delen van het lichaam van Jezus, of van andere figuren uit de bijbel. In Rome worden bijvoorbeeld de schedels van Sint Peter en Sint Paulus bewaard in de St. Jan van Lateranen kerk.

Op een gegeven moment werd het natuurlijk lastiger om lichaamsdelen van bijbelse figuren te verkrijgen en richtte zich de aandacht op modernere heiligen. Toen ook deze bron op begon te raken besloot een groep mensen in Umbrië om de lokale kluizenaar maar alvast een kopje kleiner te maken zodat ze zeker wisten dat ze zijn beenderen konden gebruiken om pelgrims aan te trekken. Helaas voor hen ontkwam de heilige Romualdus en stierf hij ergens anders, waar ze uiteraard enthousiast zijn overblijfselen tentoonstelden.

Hij kijkt ook zo lekker heilig.
Hij kijkt ook zo lekker heilig.

Van andere figuren werd direct na hun dood het lichaam verdeeld, zoals dat van de heilige Elisabeth van Thüringen, van wie enthousiast zelfs de tepels werden afgesneden om mee te nemen. Ook mensen die niet heilig waren verklaard, maar wel bekend waren, werden een bron van relikwieën. De filosoof Thomas van Aquino* werd bijvoorbeeld direct na zijn dood in een ketel gestopt en uitgekookt om mooie beenderen te krijgen. Zelfs de Romeinse schrijver Livius werd opgegraven en zijn armbeen werd als cadeau aan paus Leo X gegeven.

 

*Thomas werd later wel heilig verklaard, maar dat was nog niet zeker op het moment dat hij uitgekookt werd